[anysurfer.logo]

Jeugdwerkregels

Benieuwd welke activiteiten mogen doorgaan dit werkjaar? En aan welke regels je je moet houden? 
Home

Code Rood

Hoe organiseer je dit jeugdwerkjaar activiteiten als we ons in Code Rood bevinden? 

Inhoud


Draaiboek code rood

Code rood is de fase waarin er wijdverspreid verspreidingen plaatsvinden en waarin contacten vermeden moeten worden.

Je zal merken dat in deze fase de maatregelen en richtlijnen een stuk strenger zijn dan de jeugdwerkregels en zomerplannen van de zomer. In deze fase moeten risico’s dan ook beperkt worden, al blijft jeugdwelzijnswerk gegarandeerd, de publieke ruimte open voor kinderen en jongeren en is een beperkte vorm van jeugdwerk mogelijk.    

Deze tabel kan je ook op A4 terugvinden rechts boven deze pagina. Je kan dat bestand downloaden en afprinten om dan op te hangen op de locatie van je activiteiten.

1. Voorbereiding

Geen leuke activiteit, atelier, workshop, jeugdhuisavond,… zonder sterke voorbereiding! Net als in de zomer van 2020 zal voor het werkjaar een stuk van de voorbereiding over veiligheid, regels en duidelijke afspraken gaan. Ook communicatie wordt belangrijker dan ooit. Elke persoon die rechtstreeks of onrechtstreeks met jou in contact komt moet goed weten wat er voor, tijdens en na dit contact van hem of haar wordt verwacht. Dit draaiboek is er om je te helpen. 

1.1 Wie mag meedoen of meegaan? 

Nog steeds is het de bedoeling dat zoveel mogelijk kinderen en jongeren kunnen deelnemen. De manier waarop dit kan verschilt wel naargelang de leeftijd maar verder blijven deze deelname voorwaarden van toepassing:

  • Wie ziek is kan niet deelnemen.
  • Wie tot de risicogroep behoort heeft toestemming nodig van ouders en/of huisarts om te kunnen deelnemen.  

1.1.1 Risicogroepen en ziek zijn

  • Informeer zowel je begeleiding, deelnemers als ouders over de deelnamevoorwaarden. Wijs iedereen via de nodige communicatie daarbij op zijn/haar verantwoordelijkheden.

  • Bezorg alle ouders van kinderen, jongeren en begeleiding de nodige informatie over risicogroepen en geef aan dat ze bij de huisarts terecht kunnen om te kijken of deelname mogelijk is.

  • Het is de verantwoordelijkheid van de ouders om, als hun kind tot de risicogroepen behoort, dit zo aan te geven in de medische fiche en in te schatten of hun risico mits medicatie onder controle is, of hier een extra inschatting van de huisarts voor nodig is. Zie de bijlage ‘medische fiche’ voor meer informatie over de medische fiche.

  • Zorg voor communicatie en afspraken met ouders over het inschrijvingsgeld voor een activiteit/aanbod, als één keer of meermaals deelnemen niet kan.

  • Hier kan je ondersteuning vinden over ‘hoe omgaan met ouders die niet akkoord gaan’. Probeer begrip te zoeken en praat eventueel met een brugfiguur zoals een vertrouwenspersoon.

  • Informeer begeleiders, deelnemers, ouders en opvoedingsverantwoordelijken over de stappen die worden genomen bij ziekte (zie 1.2.2). Enerzijds ter informatie, anderzijds ook om hun rol hierin duidelijk te maken wanneer hun kind/jongere ziek is tijdens de werking, aanbod of activiteit.

  • Er zijn kinderen en jongeren met een beperking die ook deel uitmaken van risicogroepen, maar veel onder hen vallen hier niet onder. En omgekeerd: kinderen en jongeren zonder beperking kunnen deel uitmaken van de risicogroepen. Zorg dat je hier bijzondere aandacht voor hebt.

  • Ga na welke extra personen gelinkt zijn aan je werking: denk aan de eigenaar van je gebouw, werkmannen, personen van de stad of gemeente, … die tijdens je werking, aanbod of activiteit het terrein al dan niet betreden. Ga na hoe ze dit doen en onder welke omstandigheden. Houd zeker rekening met eventuele risicogroepen bij deze personen.  

 1.1.2 Inclusieve werking

  • We gaan uit van het principe: iedereen kan deelnemen, tenzij men ziek is of was of geen toestemming krijgt wanneer men tot een risicogroep behoort. Net als andere jaren staan de activiteiten/aanbod dus open voor alle kinderen en jongeren indien de draagkracht van de begeleidingsploeg dit aan kan.

  • Ook voor groepen met jongeren met een beperking waarvan de meerderheid van de deelnemers een fysieke/reële leeftijd van 18+ heeft, moet afstand gehouden worden in deze code. Als die afstand niet behouden kan worden, is een mondmasker nodig. We weten dat afstand houden of een mondmasker dragen geen evidente maatregel is voor sommige mensen met een beperking. Ga er echter niet automatisch van uit dat je geen activiteiten kunt organiseren voor deze groepen; misschien kan je oplossingen vinden met ouders en opvoedingsverantwoordelijken of zijn er alternatieve activiteiten mogelijk.

  • Maak bij kinderen en jongeren met specifieke ondersteuningsnoden samen met hen en/of ouders/opvoedingsverantwoordelijken en eventueel de huisarts proactief de afweging op welke manier alle maatregelen gevolgd kunnen worden. Werk hiervoor indien nodig redelijke aanpassingen* uit, eventueel met een vaste begeleider voor de dagelijkse noden (van sanitaire hulp tot zonnecrème smeren). Ouders en opvoedingsverantwoordelijken zitten vaak vol ideeën voor oplossingen voor mogelijke drempels. Maak ook afspraken met ouders over proactief informeren over de veranderingen.

  • In sommige situaties zal voor de hieronder volgende maatregelen extra aandacht nodig zijn voor kinderen en jongeren met bijzondere noden onder de 18 jaar (bv. wat intensief contact of hygiëne betreft) en er zullen soms uitzonderingen nodig zijn. Ga hiervoor steeds in overleg met de huisarts, ouders en kind/jongere zelf om de situatie en mogelijkheden in te schatten. We proberen met zo veel mogelijk kinderen en jongeren aan jeugdwerk te doen dit jaar, net als andere jaren, sluit dus niemand op voorhand uit. Er is veel mogelijk binnen de veiligheidsmaatregelen, kinderen en jongeren staan steeds centraal binnen het jeugdwerk.

  • Raadpleeg de website van je organisatie voor eventuele extra informatie of adviezen als je werkt met kinderen en jongeren met extra ondersteuningsnoden. Je kan ook altijd extra ondersteuning vinden bij Jeugdwerk voor Allen. 

* Redelijke aanpassingen zijn concrete maatregelen om drempels weg te nemen. Zoek je inspiratie? Meer inspiratie op de website van ouders voor inclusie.

1.1.3 Aanwezigheidsregisters, medische fiches en tracing

Het is en blijft cruciaal om administratief de nodige zaken bij te houden en op te vragen in functie van eventuele deelname en eventuele tracing nadien.

Zorg voor volgende administratie:

  • Contactlogboeken die de contacten tussen deelnemers met externen weergeeft. Een goed contactlogboek ziet er als volgt uit:
        • Een overzicht van de deelnemers van de bubbel = je aanwezigheidslijst.
        • Een overzicht van contacten met personen van buiten de bubbel en welke voorzorgsmaatregelen hierbij genomen worden, bv. contact met externen in functie van activiteiten/aanbod. Hoog risico contacten moeten hierbij worden opgenomen. Meer daarover in deze FAQ.
        • Als je met meerdere bubbels (of groepen) op dezelfde locatie werkt, zorg dan voor een duidelijk overzicht van de maatregelen die je nam om het contact tussen de bubbels te mijden. Het geeft aan hoe elke bubbel zich verhoudt t.a.v. de andere bubbels. Bv.: er wordt op verschillende plekken gegeten of in verschillende shiften in dezelfde ruimte (mits ontsmetting).
        • Maak ook duidelijk over wel soort werking het gaat: overnachting of niet, open of gesloten, …
  • Indien mogelijk liefst ook medische fiches (Met de toestemmingen tot deelname voor risicogroepen door huisartsen).
  • Informeer deelnemers en hun ouders en opvoedingsverantwoordelijken over het belang van het bijhouden en doorgeven van gegevens en contactlogboeken. Zo kan je veel makkelijker besmette deelnemers tracen. Deze brief kan hierbij helpen.
  • Wijs binnen elke bubbel/groep een verantwoordelijke aan om de administratie bij te houden. 

1.2. Hoe organiseer je aanbod/activiteiten dit werkjaar?

In de rode code kunnen enkel nog groepen kinderen en jongeren van max. 20 personen samen komen (incl. begeleiding). Omdat het gaat over groepen moet de sociale distance dus steeds aangehouden worden. Waar dit niet mogelijk is, moeten de +12 jarigen een mondmasker dragen. Deze vorm van jeugdwerk kan lokaal geschrapt worden indien nodig.

Groepen waarvan de meerderheid van de deelnemers +18 jaar is kunnen niet meer voorzien in een jeugdwerkaanbod, deze groepen kunnen niet langer fysiek samenkomen in het jeugdwerkkader. Je kan wel de geldende samenlevingsregels en toegestane groepsgroottes toepassen.

Maar wat er ook gebeurt: alle kinderen en jongeren moeten te allen tijde terecht kunnen bij het jeugdwelzijnswerk onder specifieke voorwaarden en in de openbare ruimte volgens de maatregelen van toepassing in de maatschappij. Jeugdwerk activiteiten kunnen ook enkel plaatsvinden buiten, voor jeugdwelzijnswerk zijn uitzonderingen mogelijk.  

1.2.1 Groepen

Voor de leeftijdsgroepen -12 en +12 (waarvan meerderheid deelnemers -18) is het zo dat er nog steeds aanbod mogelijk is maar dit enkel in groepen.

De groepen bestaan uit max. 20 deelnemers (incl. begeleiders). Binnen deze groep is er social distancing en wordt een mondmasker gebruikt indien dit niet kan gegarandeerd worden.

Concreet worden deze groepen als volgt samengesteld 

  • Maximaal 20 deelnemers  

  • Sociale distancing en mondmasker waar dit niet kan gegarandeerd worden tussen de deelnemers • Werk zo veel mogelijk met inschrijvingen vooraf, maar laat bij dagaanbod ook ruimte om de dag zelf in te schrijven/deel te nemen.

  • Communiceer zeker ook duidelijk over hoe de activiteit/aanbod wordt georganiseerd, wat je van de deelnemers verwacht etc.

  • Binnen één groep kan je kleinere groepen samenstellen die aparte en gezamenlijke activiteiten organiseren (bv. 2 groepen van in totaal 10 personen: zij kunnen apart spelen maar ook samen, steeds met afstand wel).

  • Je hoeft in je groepen geen rekening te houden met een strikte leeftijdsscheiding, maar het is wel aan te raden om een hele groep op dezelfde manier te ‘behandelen’ en dus volgens de strengste maatregelen. Vanaf +12 is een mondmasker verplicht dus een groep waarbij een deel – en +12 is kan best allemaal de strengste regel volgen.

  • Open jeugdwerk en pleinwerk is hierbij ook mogelijk, waarbij bij elke activiteit andere deelnemers aansluiten of nog niet alles op voorhand vastligt. Zorg er wel steeds voor dat de grens van 20 personen niet overschreden wordt per groep én je aandacht hebt voor de aanwezigheidslijsten en contactlogboeken. 
Denk op voorhand ook bewust na over de haalbaarheid en meerwaarde van de activiteit die je organiseert. Code rood is vrij ernstig. Sommige scholen zullen sluiten, mogelijks zullen sommige delen van het maatschappelijk opnieuw stil komen te liggen. Stel je de vraag of het wenselijk is door te gaan met jouw werking. 

  • Communiceer duidelijk (visueel en mondeling) over de groepen en hoe jullie deze gaan opdelen, wat de praktische maatregelen zullen zijn,...
        • Hoe zal dit verlopen tijdens de activiteit/aanbod?
        • Welke gevolgen heeft dit voor de voorbereidingen: inschrijvingen, opbouw, …
        • Wees zeer duidelijk: alle maatregelen gelden ook voor de begeleiding, ook voor en na de activiteit/aanbod.
  • Hou rekening met de maatregelen bij de voorbereiding van je activiteit/aanbod.

  • Als het gaat over een groep die voor de meerderheid bestaat uit +18 deelnemers, probeer dan heel kritisch stil te staan bij de meerwaarde en haalbaarheid van fysiek samen komen en kijk naar alternatieven. Is samenkomen toch nodig, hou dan rekening met de maatregelen van toepassing in de maatschappij. Voor alle voorbereidingen kan sowieso steeds afweging gemaakt worden of live aanwezig zijn noodzakelijk is, of het volgen van alle maatregelen haalbaar is en of een bijeenkomst meerwaarde biedt. Je kan hiervoor ook terecht bij afspraken gemaakt door je organisatie of koepel. 

Infrastructuur

  • Jeugdwerk activiteiten kunnen enkel nog plaatsvinden in de buitenlucht, probeer hierbij vooral gebruik te maken van terreinen waar enkel jullie op dat moment gebruik van maken. Hebben jullie geen eigen terreinen bekijk dan met de lokale overheid of jullie bepaalde ruimte in de publieke ruimte kunnen gebruiken voor bv. een bepaalde activiteit of vaste tijdspanne. Op die manier wordt voorkomen dat jullie in contact komen met anderen die geen deel uitmaken van de activiteit.

  • Jeugdwelzijnswerk kan wel binnen doorgaan volgens de voorwaarden, let er bij voorbereiding op dat de ruimtes voor en/of na gebruik gereinigd moeten worden, dat groepen niet in 1 lokaal kunnen zitten… dat er voldoende ruimte nodig is als men de afstand wil garanderen.

  • Voor de sanitaire ruimtes (toiletten en lavabo’s) zal het moeilijk zijn om dit ‘buiten’ te organiseren. Besteed hier extra aandacht aan handhygiëne en zorg dat eventuele ontsmettingsmiddelen aanwezig zijn zodat gebruikers daar vooraf gebruik van kunnen maken.  
Materiaal

  • Kies voor activiteiten waarbij je zo weinig mogelijk materiaal doorgeeft binnen de groep. Kies bij voorkeur materiaal per deelnemer. 

 1.2.2 Wat als iemand ziek wordt

Ook tijdens jullie werkjaar kunnen er kinderen en jongeren ziek worden of symptomen vertonen die doen denken aan corona. Uiteraard blijft gelden dat kinderen en jongeren die ziek zijn sowieso niet deelnemen aan de activiteit/aanbod. Communiceer ook duidelijk over de symptomen en geef ook aan dat kinderen die ziektesymptomen vertonen niet welkom zijn op het aanbod.

Als er een kind of jongere ziek wordt tijdens de activiteit/aanbod, ga je als volgt te werk:

  • Verwijder de zieke persoon van je aanbod: laat een ouder of opvoedingsverantwoordelijke de deelnemer ophalen. Kan dit niet onmiddellijk zorg er dan voor dat deze persoon in tussentijd op een rustige plaats apart kan zitten en met de nodige begeleiding opgevangen wordt of kan rusten. Hou er rekening mee dat je kinderen en jongeren die zelf naar de activiteit/aanbod gekomen zijn, zieker kunnen worden op de terugtocht naar huis en overweeg dus goed of de persoon zelf thuis raakt of er best iemand van het thuisfront gebeld wordt.

  • Of een deelnemer onmiddellijk moet getest worden, wat de gevolgen zijn van een negatieve of een positieve test voor de anderen in de groep is op dit moment afhankelijk van verschillende factoren.
        • Leeftijd van de geteste persoon en de andere deelnemers
        • Of het over een overnachting gaat of niet
        • Of er sprake is van hoog risicocontacten of niet
        • Symptomen
  • Omdat dit op heden zo complex is raden we aan de ouders van de deelnemer te adviseren zo snel mogelijk een arts te contacteren en te luistere wat de gevolgen zijn voor de deelnemer en voor de andere deelnemers uit de bubbel of groep. Vraag hen ook jullie hiervan op de hoogte te houden.

  • Indien een deelnemer positief test en dit heeft gevolgen voor de andere deelnemers zal er via de huisarts of de contacttracing contact worden opgenomen met jouw organisatie. In dat geval zorg je dat je klaar zit met alle contactgegevens van je aanwezigheidsregister en contactlogboek van de betreffende activiteit/aanbod.
Op de website van sciensano vind je de procedures voor kinderen, daar vind je ook terug of je je aanbod moet stopzetten, hoe je omgaat met andere deelnemers etc…

Bereid iedereen zo goed mogelijk voor op de situatie ‘wat met een zieke deelnemer tijdens het aanbod’, doe dit door volgende zaken in je voorbereiding te bespreken en op te nemen. Belangrijk daarbij dat je een aantal zaken reeds voorbereidt: 

  • Informeer deelnemers, begeleiders en ouders/opvoedingsverantwoordelijken over de stappen bij een zieke deelnemer en ieders rol daarin. Wat bij vroegtijdige stopzetting, wat als je kind ziek wordt, laat een ziek kind niet deelnemen, …

  • Duid bij voorkeur 1 persoon aan binnen elke bubbel/groep die in geval van een zieke persoon de taak op zich neemt om zich over de zieke te ontfermen en de nodige stappen te ondernemen. Zorg voor gepast beschermingsmateriaal voor deze persoon.

  • Breid de EHBO uit met volgende zaken:
        • MUST HAVES: handschoenen, alcoholgel, koortsthermometer + ontsmettingsmiddel, mondmaskers (hier wegwerp) steeds 1 voor de zieke en 1 voor de verzorger.
        • AAN TE RADEN: face shields (indien nodig) contactloze thermometer, afzonderlijke EHBO-koffers per bubbel
  • Voorzie een kind- en jongerenvriendelijke quarantaineruimte.

  • Externe en interne communicatie: wanneer je een vermoedelijke besmetting op je activiteit/aanbod hebt, ben je best ook voorbereid m.b.t. communicatie (je kan inspiratie vinden in deze brieven):
        • Hoe ga je om met vragen vanuit de deelnemers?
        • Communiceer je naar ouders en hoe?
        • Communicatie naar je jeugddienst of koepel?
        • Bespreek vooraf met de begeleidingsploeg hoe je omgaat met de vragen van andere kinderen en jongeren wanneer een eventuele besmetting wordt vastgesteld. Bespreek hoe je hen hiervan op de hoogte brengt, bereid antwoorden voor op hun vragen, …
        • Bewaak bij communicatie steeds de aandacht voor privacy en geef dit ook op voorhand mee aan ouders. Zorg dat je begeleiders ook op de hoogte zijn van de privacyregels.   

 1.2.3 Communicatie

Het is belangrijk dat alle deelnemers aan de activiteit/aanbod en ook alle betrokken actoren zoals ouders of opvoedingsverantwoordelijke goed weten welke maatregelen van toepassing zijn op de activiteit/aanbod, wat dit inhoudt voor hen, voor hun kinderen, …
Zorg voor goede communicatie als onderdeel van je voorbereiding. Zorg dat iedereen die ook maar een beetje (kan) betrokken zijn op jouw werking weet:

  • Welke maatregelen van toepassing zijn: organisatorisch, hygiënisch, …
  • Wat de deelname voorwaarden zijn.
  • Hoe de bubbels/groepen zijn ingedeeld en hoe dit praktisch verloopt op het terrein.
  • Hoe men zich als ‘externe’; ouder, buren, catering, poetshulp… verhoudt t.a.v. het aanbod.
Neem daarnaast ook de pictogrammen op in je communicatie om zaken duidelijk te maken.

1.3. Hoe zit dat met hygiëne?

 1.3.1 Persoonlijke hygiëne
Het bewaken van persoonlijke hygiëne blijft enorm belangrijk tijdens alle activiteiten en aanbod.

Hieronder verstaan we handhygiëne, hoesten in de ellenboog, het eenmalige gebruik van zakdoeken en weggooien ervan en het gebruik van mondmaskers en handschoenen. Deze maatregelen zorgen ervoor dat besmetting vermeden wordt, en zijn dus cruciaal. 

Handhygiëne

  • Bouw een vaste routine in waarbij handen gewassen worden voor en na iedere activiteit (en blok), voor en na elke maaltijd, inclusief tussendoortjes, bij het gebruik van materialen, bij externe activiteiten/aanbod en bij aankomst op de activiteit/aanbod, bij niezen/hoesten en na elk toiletbezoek.
        • Ondersteun en informeer begeleiders hieromtrent bv. aan de hand van een filmpje vooraf mét richtlijnen over hoe je handen kunt wassen. Uiteraard houdt dit bij de kleine kinderen ook contact in om de handen goed te wassen, dit kan binnen de bubbel.
        • Het kan helpen om een verantwoordelijke aan te duiden die extra aandacht vestigt op alle hygiënemaatregelen binnen één bubbel.
  • Bereid je infrastructuur en materiaal voor op deze extra handhygiëne
        • Zorg eventueel voor extra plaatsen om de handen te wassen zodat dit zo vlot mogelijk verloopt.
        • Voorzie bij het binnengaan van sanitaire ruimtes, bij de eetruimtes en in de buurt van activiteiten/aanbod dat handen gewassen of ontsmet kunnen worden om besmetten van contactoppervlaktes te vermijden.
        • Water en zeep is in principe voldoende. Je kan ook gebruik maken van stilstaand water (bv. in een kuipje) indien dit, na het gebruiken door de verschillende aanwezige kinderen, ververst wordt tussen elke wasbeurt in. Laat dit dus niet staan om later opnieuw te gebruiken.
        • Goed inzepen is het belangrijkste bij handen wassen. Afdrogen doe je met wegwerpdoekjes of papier. Geen handdoeken dus.
Mondmasker
  • Mondmaskers worden gedragen door alle deelnemers +12 wanneer de afstand niet kan gegarandeerd worden en/of bij het verlaten van het terrein waarbij men mogelijks in contact komt met anderen. 
  • Voorzie een moment over hoe je correct een mondmasker kunt gebruiken voor zowel begeleiding als deelnemers en informeer duidelijk wanneer dit al dan niet nodig is. Zorg dat ook de ouders en opvoedingsverantwoordelijken dit meekrijgen in de communicatie.
Hoesten en papieren zakdoeken

  • Voorzie gesloten vuilnisbakken (liefst te openen zonder ‘handcontact’) voor de vuile zakdoeken. Spreek hiervoor eventueel goed af met de gemeente of de eventuele uitbater of eigenaar van je locatie.
  • Voorzie zelf voldoende papieren zakdoeken of laat deelnemers dit zelf voorzien MAAR zorg er vooral voor dat deze steeds ter beschikking zijn per bubbel.
  • Informeer begeleiders over het belang van hoesten in de ellenboog, gebruik van papieren zakdoeken en hun pedagogische rol hierin.
Voorzie extra hygiënisch materiaal

  • Handgels en zeep
  • Papieren zakdoeken + afgesloten vuilnisbakken
  • Mondmaskers
        • Enerzijds heb je de persoonlijke maskers voor +12 die iedere persoon zelf voorziet. Als je een langere activiteit/aanbod houdt, houd je ook rekening met meerdere maskers.
        • Daarnaast kunnen extra maskers voorzien worden (soort van reserve) bv ook voor EHBO, kinderen die geen maskers (meer) hebben. Vraag aan ouders wie eventueel maskers kan maken ook voor andere kinderen.
  •  Papieren handdoeken
  • Reinigingsproducten
  • Handschoenen

Communicatie omtrent hygiëne

  • Zorg zeker voor voldoende communicatie over alle maatregelen via de pictogrammen, gebruik het aangeboden materiaal (zie hierboven).
  • Zorg voor communicatie naar ouders over de maatregelen en welk materiaal door jullie voorzien zal zijn, en waarvoor ze zelf moeten zorgen bv. een eigen mondmasker. 

 1.3.2 De infrastructuur

Niet alleen de persoonlijke hygiëne, ook die m.b.t. infrastructuur is van belang om besmetting te voorkomen, neem hierbij altijd de focus op contactoppervlakken. Bekijk ‘poetsen infrastructuur’.

  • Contactoppervlakken worden regelmatiger gereinigd volgens de voorschriften.
        • Neem voor je activiteit/aanbod contact op met je (vrijwilligers)poetsploeg, het poetspersoneel van je locatie of je gemeente als zij het poetsen op zich nemen. Benadruk het belang van het poetsen van contactoppervlakken, afspraken rond desinfectie en regelmaat van poetsen. De uitbaters van infrastructuur maken zelf ook gebruik van een draaiboek. Stem hier dus zeker over af.
        • Zorg ook voor afspraken met gemeente, uitbaters, poetspersoneel en begeleiding over ventilatie van ruimtes en het verdelen van sanitaire ruimtes per bubbel/groep (zie hierboven).
        • Zorg voor voldoende communicatie over alle maatregelen via de pictogrammen, maak gebruik van het bestaande materiaal en hang dit zichtbaar op (zie hierboven).
        • Voorzie de nodige middelen om te kunnen reinigen. Hou hierbij rekening met wegwerp en/of mogelijkheid om de materialen etc. na gebruik te wassen en/of koken in functie van ontsmetting.  

 1.3.3 Het materiaal

Naast de persoonlijke hygiëne en infrastructurele maatregelen, gaan we in op die voor materiaal. Als je materiaal doorgeeft, houdt ook dit een risico op besmetting in. Zorg dan ook voor aandacht voor al het materiaal waarvan jullie gebruik maken (van verkleedkleren tot sportmateriaal, muziekinstrumenten, tot spelmateriaal). Gebruik ‘poetsen materiaal'.

  • Voorzie met je organisatie indien mogelijk dat materiaal niet tussen bubbels moet worden uitgewisseld. Dit geldt voor sportmateriaal, muziekinstrumenten, verkleedmateriaal, materiaalkoffers, knutselgerief, klimgerief enz. Waar je alles binnen één bubbel kunt houden, mag materiaal door verschillende kinderen gebruikt worden.
  • Als materiaal door verschillende bubbels gebruikt moet kunnen worden, dan heb je twee opties:
        • Je reinigt grondig de contactoppervlakken voor je het materiaal doorgeeft, dan kan het onmiddellijk.
        • Is er tijd tussen 2 bubbels dan kan je je beroepen op onderzoek dat heeft uitgewezen dat Covid gemiddeld 3u kan overleven op oppervlakken en materialen (in ideale omstandigheden), je hoeft materialen en/of oppervlakken dus geen dagen meer ongebruikt te laten indien je niet tussentijds ontsmet. Blijft daarbij wel heel belangrijk goed te focussen op goede handhygiëne na contact met oppervlakken en materialen die vaak worden aangeraakt.
  • Maak visueel duidelijk welk materiaal voor welke bubbel is. Doe dit door kleuren of symbolen aan te brengen.
  • Bij aanbod waarvan meerderheid deelnemers +18 is mag materiaal niet doorgegeven worden tussen deelnemers zonder ontsmetting of voldoende tijd uit omloop, hou hier ook rekening mee in je voorbereidingen.   

 1.4 Welke activiteiten mag je doen?

 1.4.1 Openluchtactiviteiten

  • Jeugdwerkactiviteiten worden enkel in openlucht georganiseerd.

        • Bespreek met de gemeente, de eventuele eigenaar van je terrein of uitbater of er extra speelweides of bos gebruikt kan worden om maximaal gebruik te maken van de buitenruimte.
        • Pas je programma van activiteiten aan om alles in de openlucht te doen. Een overdekte buitenruimte kan ook.
  • De maximale capaciteit van terrein, sanitaire infrastructuur en locatie wordt ingezet. Activiteiten van jeugdwelzijnswerk kunnen wel onder bepaalde voorwaarden binnen blijven doorgaan.  

 1.4.2 Uitstappen 

Uitstappen kunnen in deze code niet meer. Ook overnachting is hier niet meer mogelijk. 

1.4.3 Internationaal 

  • Wanneer België, Vlaanderen of het jeugdwerk zich in code rood bevindt, zijn buitenlandse reizen met jeugdwerk niet mogelijk. 
  • Wanneer de reisbestemming zelf code rood krijgt, wordt daar niet naartoe gereisd. Indien de code verandert, wordt indien mogelijk ter plaatse gebleven. 

1.4.4 Externen

  • Contacten met externen kunnen alleen met essentiële derden, en mits het nemen van alle maatregelen die in de samenleving gelden (mondmaskers, hygiëne, enz.).

  • Activiteiten, vormingen, workshops georganiseerd door personen buiten de bubbel zijn mogelijk mits deze personen essentieel zijn voor de activiteit of het aanbod en er geen alternatieve manier van organiseren voorzien kan worden. Zet voor het zoeken naar alternatieven de creativiteit van je begeleiding en kinderen en jongeren zelf in. Spreek zeker ook met de oorspronkelijke externe persoon af of jullie samen tot een alternatief kunnen komen.

  • De groep mag slechts 20 personen groot zijn, de externen worden hierin meegeteld.

  • Beschouw de eventuele eigenaar, uitbater of verantwoordelijke van je gebouwen en/of terrein en de medewerkers van de gemeente indien nodig ook als externen voor jullie groepen. Maak met hen vooraf goede afspraken over wanneer en hoe zij op de locatie komen.  

2. Tijdens het aanbod/de activiteiten 

Geef bij aanvang van een aanbod steeds weer aan de deelnemers in welke kleurcode we ons bevinden en wat daar de gevolgen voor zijn voor de werking, voor hen, voor ouders etc. Je hoeft dit niet persé elke keer opnieuw te doen voor een groep die steeds dezelfde is maar doe het dan minimaal wanneer er een wijziging is in de kleurcode. Je kan de codes bv. ook ergens duidelijk zichtbaar communiceren voor ouders/deelnemers zodat ook voor hen snel duidelijk of te raadplegen is wat de juiste consequenties zijn.

In code rood is het belangrijk goed af te wegen of een werking wenselijk is. Hou de veiligheid steeds in het hoofd en gebruik je gezond verstand in de beslissing of iets al dan niet doorgaat.

2.1 Wie mag deelnemen? 

2.1.1 Risicogroepen en ziek zijn

  • Maak de symptomen die kunnen wijzen op Corona visueel zichtbaar voor de begeleiding en deelnemers en ouders of opvoedingsverantwoordelijk om op terug te vallen bij twijfel. Wie ziek is, kan niet deelnemen.
  • Bij vermoeden van besmetting of het opmerken van een of meerdere van de symptomen: zorg dat deze persoon apart kan rusten, begeleid kan wachten om opgehaald te worden of naar huis gaat. 
  • Maak een onderscheid tussen een gewone EHBO-tussenkomst bij kwetsuur, ongeval, medicatie en de te ondernemen stappen bij vermoedelijke besmetting. Voorzie daarom in elke bubbel iemand die de eerste zorgen (en indien van toepassing dagelijkse verzorging en ondersteuning) kan toedienen zodat hiervoor geen bubbels dienen te worden doorbroken. Gewone EHBO-interventies kunnen in de bubbel gebeuren, hier dienen geen extra voorzorgsmaatregelen voor genomen te worden. Bij een vermoeden van besmetting zorg je voor strikte hygiënemaatregelen (beschermingsmateriaal: handschoenen, mondmasker of face shield) bij de persoon die de begeleiding van deze persoon doet en ontsmet het materiaal na elk gebruik.

  • Inclusie: Net als andere jaren willen we ons aanbod openstellen voor alle kinderen en jongeren volgens de afspraken van de organisatie. Voor hen gelden dezelfde regels als hierboven uiteraard.  

 2.1.2 Aanwezigheidsregisters, medische fiches en tracing

  • Houd aanwezigheidslijsten en contactenlogboek per bubbel/groep goed bij en doe dit het hele werkjaar, bij elke activiteit/aanbod. Elk hoog risico contact wordt in kaart gebracht. (zie 1.1.3).
  • Spreek de verantwoordelijke per bubbel/groep hier voldoende op aan, hebben jullie contact gehad met externe mensen, met wie, wat was de situatie, staat het in het logboek…  

 2.2 Hoe organiseer je aanbod/activiteiten dit werkjaar?

 2.2.1 Groepen

In code rood kunnen alle kinderen en jongeren waarvan de meerderheid -18 is zich op dezelfde manier organiseren. Ze kunnen aan jeugdwerk doen in groepen van 20 personen max.

  • Het is cruciaal dat de deelnemers tijdens de activiteit/aanbod niet met elkaar in contact komen, social distancing en/of mondmasker zijn hier een must.
        • Maak goede afspraken met de deelnemers van de activiteit, informeer hen goed over de manier waarop ze zich als deelnemer moeten gedragen, hoe het gebouw werd ingedeeld, welke afspraken er zijn, enz.
        • Contact met externen (buiten de groep) wordt beperkt gehouden in deze code. Indien toch nodig (bv. levering van voedsel, arts op terrein voor wonde/ziekenhuisbezoek,… ) hou dan rekening met voorzorgsmaatregelen, hanteer mondmasker en hou 1,5 meter afstand, bouw extra handhygiëne moment in.  

Infrastructuur

  • Minimaliseer het gebruik van binnenruimtes/toiletten/sanitair/… Laat dit enkel toe voor bv gebruik van toilet of wastafels maar er kan niet binnen gespeeld, vergaderd, gesport,… worden in deze code. Alle activiteiten gaan buiten door.
  • Worden ruimtes/sanitair gedeeld tijdens de activiteit/aanbod zorg dan zeker ook voor een goed hygiëneplan en stel hier verantwoordelijken voor aan (zie ook poetsen infrastructuur).
Materiaal

  • Ook voor materiaal is het belangrijk dat het duidelijk visueel zichtbaar is welk materiaal aan welke bubbel toebehoort. Label je materiaal, steek het steeds in eenzelfde bak, berg het op dezelfde plaats op, 
  • Speel geen spelen waarbij materiaal (al dan niet al spelend) van de ene naar de andere bubbel of samen wordt gebruikt. Dit kan ook niet als de groepen gescheiden staan: bv. touwtrekken tussen 2 bubbels, trefbal, …
  • Ontsmet het materiaal (focus op contactoppervlakken) steeds als dit door meerdere bubbels wordt gebruikt. 
Verplaatsen

  • Indien je je met de groep moet verplaatsen tijdens de activiteit hou dan rekening met de regels die hieromtrent gelden in de samenleving. Recente info over de van toepassing zijnde regels kan je steeds je steeds op de officiële infowebsite rond Corona terug vinden.
  • Hetzelfde geldt ook voor georganiseerd busvervoer om van en naar de activiteit/aanbod te gaan. 

 2.2.2 Wat als iemand ziek wordt?
  • Neem in geval van een zieke deelnemer de stappen zoals hierboven omschreven bij 1.2.2 
  • Bekijk ook welke communicatie naar de andere deelnemers nodig is. Neem de nodige tijd om dit in de groep te bespreken om te informeren, te luisteren, …
  • Hou steeds het welbevinden van alle deelnemers hier mee in het oog – zorg ervoor dat iedereen de ruimte heeft om hierover te praten, ventileren indien nodig.
  • Belangrijk onderdeel van je stappen is de externe communicatie wanneer je een vermoeden van besmetting hebt en/of een jongere naar huis stuurt van je activiteit/aanbod.

 2.2.3 Communicatie

  • Maak gebruik van de pictogrammen tijdens je aanbod om zaken duidelijk te maken voor alle deelnemers
  • Visualiseer gescheiden infrastructuur en materiaal m.b.t. infrastructuur en materiaal door gebruik van kleuren, symbolen (zie ook bubbels/infrastructuur).
  • Gebruik bestaande visuele ondersteuning zoals onderstaande om zaken op locatie duidelijk te maken:

 2.3 Hoe zit dat met hygiëne tijdens het aanbod/de activiteiten?

 2.3.1 Persoonlijke hygiëne

Handhygiëne

  • Herhaal tijdens je activiteit/aanbod zeker regelmatig de vaste routine van de handhygiëne, installeer een gewoonte.
  • Benadruk binnen de begeleiding dat dit zeker ook geldt voor hen, op elk moment van de werking, niet alleen in contact met kinderen.
  • Gebruik de communicatie van Handige Hans om aan deelnemers duidelijk te maken hoe en wanneer ze handen wassen.  
Hygiëne bij intens contact

  • Vermijd waar mogelijk het aanraken van het gezicht van kinderen, zeker bij +12-jarigen. Insmeren en schminken bij –12-jarigen kan, laat andere kinderen het zelf doen. 
  • In functie van wondverzorging is het belangrijk voorzorgsmaatregelen te nemen m.b.t. handhygiëne zowel bij patiënt als verzorger en bij +12 ook mondmasker te gebruiken (beide partijen).
  • Uiteraard kan aanraken indien nodig in noodsituaties. 

Mondmasker 

  • Mondmaskers worden gedragen door alle deelnemers +12 wanneer de afstand niet kan gegarandeerd worden en/of bij het verlaten van het terrein waarbij men mogelijks in contact komt met anderen.

Hoesten en zakdoekengebruik 

  • Wijs deelnemers (indien nog nodig) op hoe ze correct kunnen hoesten/niezen in de ellenboog of eventueel door gebruik van een papieren zakdoek die meteen wordt weggegooid. 
Hygiëne bij maaltijden

Over het algemeen wordt het virus niet overgedragen via voedsel maar handhygiëne is cruciaal om de risico’s te beperken.

  • Goede handhygiëne maakt samen koken met kinderen en jongeren mogelijk.
  • We adviseren het gebruik van mondmaskers bij het meer intensieve kookwerk (het maken van fruitsla of salade, bakken, ...).
  • Het afwassen van kookinstrumenten kan gewoon met water en afwasmiddel.

 2.3.2 De infrastructuur

  • Reinig contactoppervlakken regelmatiger volgens de voorschriften.
  • Ga aan de slag met de gemaakte afspraken rond poetsen en reinigen tijdens en na de werking.
  • Laat veelgebruikte deuren in de infrastructuur open staan om te vermijden dat deze voortdurend aangeraakt worden. Hou hierbij rekening met brandveiligheid (branddeuren mogen niet openstaan) doe het in overleg met de eigenaar van de locatie.
  • Richt de gebruikte infrastructuur in op een manier dat je vlot kan poetsen.
  • Maak duidelijke afspraken over het gebruik van de lift indien deze beschikbaar is (alleen wanneer noodzakelijk) en vergeet het poetsen van de contactoppervlakken hierin niet op te nemen in de afspraken.
  • Het is belangrijk om alle leef-en speel- en slaapruimtes voldoende te verluchten. 

 2.3.3 Het materiaal

  • Materiaal wordt individueel gebruikt, indien materiaal toch van de ene naar de andere deelnemer in de groep of een andere groep gaat, worden contactoppervlakken ontsmet of drie volledige dagen buiten omloop gelaten en niet aangeraakt. Bij alle leeftijden wordt het doorgeven van materiaal vermeden.
  • Spelen met water kan en houdt geen extra risico’s in, uiteraard in afstemming met de gemeente bij eventuele waterschaarste: we werken duurzaam.
  • Respecteer de voorschriften bij materiaal van externen en ontsmet dit materiaal voor gebruik. Bij gebruik van materiaal aangeboden/geleverd door externen moet men erop toezien dat deze worden aangeboden en/of geleverd binnen de hygiënische maatregelen en indien mogelijk ontsmet worden. Materiaal ergens afhalen kan enkel door begeleiding niet door deelnemers.
  • Maak een checklist van materialen die je moet ontsmetten, gebruik ‘poetsen materiaal’.   

 2.4 Welke activiteiten mag je doen?

 2.4.1 Openluchtactiviteiten 

  • Zet maximaal in op het gebruik van de overdekte en niet-overdekte buitenruimte, maak gebruik van je creativiteit om oplossingen te vinden. Activiteiten kunnen enkel in de buitenlucht.
  • Bespreek steeds goed met de begeleiding uit andere groepen welke ruimtes/locaties jullie wanneer gaan gebruiken om contact te vermijden.

2.4.2 Uitstappen 

  • Uitstappen kunnen niet in deze code.

2.4.3 Internationaal 

  • Wanneer België, Vlaanderen of het jeugdwerk zich in code rood bevindt, zijn buitenlandse reizen met jeugdwerk niet mogelijk. 
  • Wanneer de reisbestemming zelf code rood krijgt, wordt daar niet naartoe gereisd. Indien de code verandert, wordt indien mogelijk ter plaatse gebleven

2.4.4 Externen

  • Contacten met externen kunnen alleen met essentiële derden, en mits het nemen van alle maatregelen die in de samenleving gelden (mondmaskers, hygiëne, enz.).

  • Als je eventuele eigenaar, gemeentepersoneel of eventuele verantwoordelijke van je locatie tot de risicogroepen behoort, beperk je je contacten met deze persoon in de mate van het mogelijke en volg je de geldende maatregelen. 

3. Na het aanbod/ de activiteiten

 3.1 Nazorg t.a.v. (zieke) deelnemers 

3.1.1 Zieke deelnemers en risicogroepen 

Zijn er kinderen en/of jongeren die geen deel kunnen uitmaken van jouw werking omwille van de huidige deelname voorwaarden die er normaal wel zouden bijzijn of bij geweest zijn. Denk dan ook nog even aan hen, bezorg hen een hart onder de riem, stuur hen een kaartje vanop jullie aanbod, maak een fijn filmpje, …

Het is geen normaal werkjaar en voor sommigen zal dit ertoe leiden dat deelname geen evidentie is, vergeet hen net en betrek hen op jullie werking waar mogelijk.

3.1.2 Aanwezigheidsregisters, medische fiches en tracing 

Bewaar minimaal het aanwezigheidsregister tot minstens 1 maand na de activiteit/aanbod. Als een kind of jongere na de activiteit/aanbod positief test op corona, kan jouw organisatie gecontacteerd worden om deze gegevens te delen.

3.2 Hoe organiseer je het einde van het aanbod/de activiteiten en voorzie je nazorg? 

3.2.1 Groepen

  • Maak bij de groepen goede afspraken met ouders en opvoedingsverantwoordelijken omtrent het afhalen van kinderen, we willen hen zo weinig mogelijk laten ‘inbreken’ op de groepen:

        • Spreiding van afhaal/ophaal per bubbel of kiss & ride zones.
        • Indien men meerdere deelnemers ophaalt die niet tot de persoonlijke bubbel behoren dan moet men de social distance respecteren en/of mondmaskers en handhygiëne hanteren. Vraag ouders en opvoedingsverantwoordelijken om ook t.a.v. elkaar voldoende rekening te houden met maatregelen m.b.t. social distance, … Vraag hen ook begrip en tijd om dit mogelijk te maken want het zal anders verlopen dan normaal, rustiger en meer tijd in beslag nemen, …
        • Je vraagt iedereen om ook aan het einde van de activiteit en bij het vertrekken van de activiteit de maatregelen rond social distancing te blijven respecteren.  

3.2.2 Zieke deelnemers tijdens het aanbod 

  • Als een deelnemer tijdens of na de activiteit/aanbod besmet blijkt met corona zal het belangrijk zijn dat je het contactlogboek kan voorleggen op vraag van de coronaspeurders. Hou de gegevens dus heel goed bij. Zie voor meer informatie 2.2.3.
  • Was er een persoon met corona aanwezig op je activiteit/aanbod? Dan kan je best ook de ouders hierover informeren. Duid hierbij op de genomen stappen en wat de mogelijke volgende stappen kunnen zijn. Hou hierbij steeds rekening met de privacy van de persoon/personen in kwestie.
Volg in geval van een bevestigde besmetting de adviezen van Sciensano en de betreffende arts en communiceer hierover transparant met de ouders en opvoedingsverantwoordelijken.  

3.3 Hoe zit dat met hygiëne op het einde van of na een activiteit/aanbod? 

3.3.1 Persoonlijke hygiëne 

Zorg na de activiteit/aanbod voor communicatie naar ouders. Gewoonlijke wasbeurten zijn voldoende. Materiaal wassen met water en zeep volstaat.

3.3.2 De infrastructuur 

Voer het afgesproken poetsplan uit of ga na of het wordt opgevolgd door degene die dit opnemen.  

3.3.3 Het materiaal

Als materiaal na afloop van de activiteit/aanbod naar een andere deelnemer of groep gaat kan dit:
  • Na ontsmetting van de contactoppervlakken.
  • Uit onderzoek blijkt dat Covid gemiddeld 3u kan overleven op oppervlakken en materialen (in ideale omstandigheden), je hoeft materialen en/of oppervlakken dus geen dagen meer ongebruikt te laten indien je niet tussentijds ontsmet. Blijft daarbij wel heel belangrijk goed te focussen op goede handhygiëne na contact met oppervlakken en materialen die vaak worden aangeraakt.  


Bestanden